De astroloog die in een put valt

Harm Kamerlingh Onnes / 1925

Een astroloog denkt dat hij de toekomst uit de sterren kan voorspellen. Maar als hij niet uitkijkt en in een put valt roepen de mensen dat ze hem niet meer geloven. Want als hij niet eens weet wat er zich beneden aan zijn voeten afspeelt, waarom zou hij dan wel iets weten over wat er daarboven is? Volgens de fabel kent niemand de toekomst. Alleen “Hij, die ’t al regeert.” En voor wie zou Hij de toekomst openbaren? “Tot nut van hem, die over firmament en wereldbol boeken pent?“ De val in de put is voor La Fontaine de val van het bijgeloof. Hij verwerpt het bijgeloof, maar het bestaan van God is voor hem wèl een gegeven. Terwijl astrologie en religie beide toch irrationeel zijn. Dat verhindert de schrijver niet er op te wijzen dat alleen de rede de basis van alle kennis is. Een wat ingewikkelde fabel. We houden het er maar op dat als je teveel naar boven kijkt, je niet meer ziet wat er om je heen gebeurt. De wereldbol staat links op het raam.

Schets
Schets