De oude man en de drie jongelui

Harm kamerlingh Onnes / 1925

Drie jongeren lachen een oude grijsaard uit omdat hij een vruchtboompje gaat planten. De vruchten van die boom zal hij immers nooit zien. “Je kunt beter geen toekomstplannen meer maken, dat past alleen ons”, zeggen de jongeren. “Dat past jullie noch mij”, antwoordt de oude man. “Wat ik nu zaai is voor ‘t nageslacht. Van dat idee pluk ik nù al de vruchten. En wie weet kan ik nog jaren het licht op jullie grafstenen zien schijnen.” Hij krijgt gelijk. Ze sterven alle drie. Vervolgens schrijft de oude man wat ze tegen hem hadden gezegd op hun grafsteen. De moraal? Wanneer iemand zich om anderen bekommert leeft hij in alle generaties eeuwig voort. De boom staat letterlijk centraal in dit raam.

Schets